Leer schaken

Het is nooit te laat om met schaken te beginnen - het populairste spel ter wereld! Als je nog nooit hebt geschaakt of als je gewoon alle regels en strategieën wilt leren, lees dan verder!

Geschiedenis van het schaken

Hoewel veel mensen geloven dat schaken afstamt van een soortgelijk spel dat bijna tweeduizend jaar geleden gespeeld werd in India, is de oorsprong van het spel niet helemaal duidelijk. Het schaken dat we vandaag de dag kennen werd populair in het 15e-eeuwse Europa.

Het doel van het spel

Schaken is een spel dat door twee spelers gespeeld wordt. Zij zitten tegenover elkaar met tussen hen in een bord met 64 vakjes van verschillende kleuren. Elke speler heeft 16 stukken: 1 koning, 1 koningin, 2 torens, 2 lopers, 2 paarden en 8 pionnen. Het doel van het spel is de koning van de tegenstander schaakmat te zetten. Dit gebeurt wanneer de koning dreigt te worden geslagen en er geen manier is om dit te voorkomen.



Het starten van een partij

Bij het begin van het spel moet het schaakbord zo liggen dat voor allebei de spelers het vakje rechtsonder wit is. Daarna kunnen de schaakstukken op het bord worden geplaatst. In de hoeken staan de torens. Naast de torens staan de paarden en daarnaast staan de lopers. De koningin staat aan het begin van het spel altijd op haar eigen kleur (de witte koningin op een wit vakje, de zwarte koningin op een zwart vakje) met de koning op het vakje ernaast. Op de tweede rij staan acht pionnen.

De speler met de witte stukken begint. Daarom beslissen spelers vaak wie er met wit mag spelen door een muntje op te gooien of door een van de twee een pion in een hand te laten verstoppen en de ander te laten raden in welke hand deze zich bevindt. Als bepaald is wie met de witte stukken mag spelen, doet wit de eerste zet, gevolgd door zwart. De spelers doen om de beurt een zet tot het einde van het spel.

Hoe de stukken bewegen

Elk van de zes soorten stukken beweegt anders. Stukken kunnen niet doorheen andere stukken bewegen (hoewel het paard óver andere stukken kan springen) en kunnen nooit naar een veld gaan waar al een van de eigen stukken staat. Ze kunnen echter wel verplaatst worden naar een veld waar een stuk staat van de tegenstander. Dit stuk is dan geslagen. Stukken worden in het algemeen verplaatst naar posities waar ze andere stukken kunnen slaan (door naar het veld te bewegen waar een stuk staat en diens plek in te nemen), hun eigen stukken kunnen verdedigen wanneer die zijn geslagen, of belangrijke velden in het spel kunnen beheersen.

De koning

De koning is het belangrijkste stuk van het spel, maar tegelijkertijd ook het zwakste. De koning kan zich maar één vakje per zet verplaatsen, in alle richtingen: naar boven, naar beneden, naar de zijkanten of diagonaal. Klik op de '>'-knop in het diagram hieronder om te zien hoe de koning zich over het bord kan verplaatsen. De koning mag zichzelf nooit schaak zetten (naar een vakje verplaatsen waar hij geslagen zou kunnen worden).



De dame

De dame is het sterkste stuk. Zij kan in elke richting verplaatsen - naar boven, naar beneden, naar de zijkanten of diagonaal - zo ver als ze maar wil, als ze maar niet door een van haar eigen stukken heen gaat. En, zoals met alle stukken, is de beurt voorbij als zij een stuk van de tegenstander slaat. Klik op het diagram hieronder om te zien hoe de dame zich over het bord verplaatst. Let op hoe de witte dame de zwarte slaat en zo de zwarte koning dwingt om zich te verplaatsen.



De toren

De toren mag zich zo ver verplaatsen als hij maar wil, maar alleen naar boven, naar beneden en naar de zijkanten. De torens zijn vooral erg sterk wanneer ze samen werken en elkaar beschermen!



De loper

De loper mag zich zo ver verplaatsen als hij wil, maar alleen diagonaal. Elke loper begint op een wit of een zwart vakje en blijft de rest van het spel op dezelfde kleur vakjes. Lopers kunnen goed samenwerken, omdat ze elkaars zwaktes aanvullen.



Het paard

Paarden verplaatsen zich compleet anders dan de andere stukken. Zij verplaatsen zich twee vakjes in een bepaalde richting en dan één vakje in een hoek van 90 graden, alsof het een L-vorm maakt. Paarden zijn ook de enige stukken die over andere stukken heen kunnen springen.



De Pion

Pionnen zijn ongewoon, omdat ze bewegen en slaan op verschillende manieren. Ze bewegen alleen vooruit, maar slaan diagonaal. Pionnen kunnen zich per zet maar één vakje vooruitbewegen, met uitzondering van de eerste keer dat ze bewegen: dan kunnen ze twee vakjes vooruit in één zet. Pionnen kunnen alleen een stuk slaan dat één vakje diagonaal voor hen staat. Ze kunnen nooit achteruitslaan. Als een ander stuk direct voor de pion staat, kan de pion niet meer vooruitbewegen.



Promotie

Pionnen hebben ook nog een andere kwaliteit: wanneer een pion de overkant van het bord bereikt kan het promoveren tot elk ander stuk in het spel. [LET OP: een veelvoorkomend misverstand is dat pionnen alleen mogen promoveren tot een stuk dat al geslagen is. Dit is NIET waar.] Meestal wordt een pion tot een dame gepromoveerd. De pion is het enige stuk dat kan promoveren tot een ander stuk.



En passant

De laatste regel over pionnen heet 'en passant', Frans voor 'in het voorbijgaan'. Als een pion zich twee vakjes naar voren beweegt, voordat het bewogen heeft, en op deze manier neerkomt op een vakje naast een pion van de tegenstander (als het ware voorbij springt, zodat de andere pion hem niet kan slaan), dan mag de tegenstander jouw pion slaan 'in het voorbijgaan'. Deze speciale zet moet gelijk gedaan worden nadat de eerste pion bewogen heeft, anders vervalt de regel. Bekijk het voorbeeld hieronder om deze rare, maar belangrijke regel onder de knie te krijgen.



Rokade

Een andere speciale regel heet rokeren. Deze regel stelt je in staat om twee belangrijke dingen in één zet te doen: je koning in veiligheid brengen (hopelijk) en je toren vanuit de hoek midden in het spel te krijgen. Als het jouw beurt is, mag je je koning twee vakjes naar links of naar rechts verplaatsen en dan de toren van die hoek, over de koning heen, precies naast de koning neerzetten. (Zie het voorbeeld hieronder.) Let op: om te mogen rokeren moet aan de volgende voorwaarde voldaan zijn:

  • het moet de eerste zet zijn die de koning maakt in de partij
  • het moet de eerste zet zijn die de toren maakt in de partij
  • er mogen geen stukken tussen de koning en de toren in kwestie staan
  • de koning mag niet schaak staan, of langs een veld gaan waar hij schaak zou staan


Merk op dat je twee kanten op kan rokeren. De korte kant heet rokeren aan de koningszijde. Rokeren naar de andere kant, de lange kant, heet rokeren aan de zijde van de dame. Ongeacht de gekozen kant verplaatst de koning twee vakjes wanneer er gerokeerd wordt.

Schaak & Schaakmat

Zoals eerder aangegeven, is het doel van het spel de koning van de tegenstander schaakmat te zetten. Dit gebeurt wanneer de koning schaak staat en er geen mogelijkheid is om te voorkomen dat hij in de volgende zet wordt geslagen. Er zijn slechts drie manieren waarop een koning uit schaak kan komen: zichzelf naar een ander vak verplaatsen, schaak blokkeren met een ander stuk of het stuk dat de koning schaak zet slaan. Als schaakmat niet kan worden voorkomen, is het spel voorbij. Het is niet gebruikelijk dat de koning wordt geslagen, wordt omgegooid of van het bord wordt verwijderd: het spel is simpelweg klaar.



Remise

Af en toe eindigen schaakpartijen niet met een winnaar, maar is het gelijkspel. Er zijn vijf redenen waarom een schaakpartij eindigt in remise:

  • De positie bereikt een patstelling (of 'pat'), waarbij de speler die aan de beurt is geen legale zet maar kan maken, maar zijn koning niet schaak gezet is
  • De spelers mogen een remise overeenkomen en stoppen met spelen
  • Er zijn niet genoeg stukken op het bord om schaakmat af te dwingen (bijvoorbeeld: een koning en een loper tegen een koning)
  • Een speler geeft aan dat het remise is als precies dezelfde stelling drie keer voorkomt (niet noodzakelijk drie keer achter elkaar)
  • Vijftig opeenvolgende zetten zijn gespeeld, waarbij geen van beide spelers een pion heeft verplaatst of een stuk heeft geslagen

Schaak960

Schaak960 volgt dezelfde regels als het standaard schaken, met uitzondering van de startpositie van de stukken op de achterste rij, die willekeurig zijn opgesteld, waarbij 960 mogelijke posities gemaakt kunnen worden. Rokeren gaat net zoals bij het standaard schaken, waarbij de koning en toren op hun normale rokade-velden komen te staan (g1 en f1 of c1 en d1). 960 is dus net als standaard schaken, maar met meer variatie in de opening.

Enkele toernooiregels

Veel toernooien volgen een reeks van gemeenschappelijke regels. Deze regels hoeven thuis of online niet noodzakelijkerwijs opgevolgd te worden

Aanraken is zetten

Als een speler een van zijn stukken aanraakt, moet hij/zij dat stuk ook daadwerkelijk verplaatsen, zolang de zet legaal is. Als een speler een stuk van de tegenstander aanraakt, moet dit stuk geslagen worden. Als een speler enkel een stuk op het bord goed wil zetten, zonder een zet met dit stuk te doen, moet een waarschuwing van tevoren worden gegeven; vaak door 'J'adoube' (Frans voor 'ik zet recht) te zeggen.

Inleiding tot klokken en timers

De meeste toernooien gebruiker klokken om de tijden per partij te reguleren, niet de tijden per zet. Elke speler krijgt even veel tijd voor de hele partij en mag dan zelf beslissen hoe hij/zij deze indeelt. Wanneer een speler een zet doet, klikken ze daarna op een knop, waarmee de tijd van de tegenstander begint. Als een speler geen tijd meer over heeft en de tegenstander merkt dit op, verliest de speler die geen tijd meer heeft (tenzij de tegenstander niet genoeg stukken meer over heeft om hem/haar schaakmat te zetten; in dat geval is het remise).

Basisstrategie

Er zijn vier eenvoudige dingen die elke schaakspeler moet weten:



#1 Bescherm je koning

Probeer je koning in de hoek van het bord te positioneren, waar hij veiliger is. Wacht niet te lang met rokeren. Meestal probeer je juist zo snel mogelijk te rokeren. Let op: het maakt niet uit hoe snel jij je tegenstander schaakmat zet, als hij jou eerder schaakmat weet te zetten!

#2 Geef stukken niet zomaar weg

Let op je stukken! Elk stuk is waardevol en je kunt de partij niet winnen zonder stukken. Die heb je nodig om de tegenstander schaakmat te zetten. Veel spelers gebruiken een makkelijk systeem om de waarde van de stukken te bepalen:

  • Een pion is 1 waard
  • Een paard is 3 waard
  • Een loper is 3 waard
  • Een toren is 5 waard
  • De dame is 9 waard
  • De koning is oneindig waardevol


Aan het einde van het spel hebben deze punten geen betekenis. Het is simpelweg een systeem dat je kunt gebruiken terwijl je speelt, zodat je weet wanneer je moet slaan en wanneer juist niet.

#3 Probeer het midden van het bord te beheersen

Probeer het midden van het bord te beheersen met je lopers, paarden en pionnen. Als je het midden beheerst, heb je meer ruimte om je stukken te bewegen. Je tegenstander zal juist meer moeite hebben om zijn stukken over het bord te bewegen. In dit voorbeeld hierboven doet wit goede zetten om het midden te beheersen. Zwart doet juist slechte zetten.

#4 Maak gebruik van al je stukken

In het voorbeeld hierboven heeft wit al zijn stukken in het spel gebracht! Je stukken zijn niet veel waard als ze op de achterste rij blijven staan. Probeer ze allemaal in het spel te brengen, zodat je meer stukken tot je beschikking hebt als je gaat aanvallen. Maar één of twee stukken gebruiken bij een aanval zal niet werken bij een goede tegenstander.

Beter worden in schaken

Het kennen van de regels en basisstrategieën is maar het begin - een heel leven is niet genoeg om alles te leren over schaken! Om je spel te verbeteren moet je drie dingen doen:

#1 - Speel

Gewoon blijven spelen! Speel zo veel mogelijk. Leer van elke partij die je speelt - partijen die je wint én partijen die je verliest.

#2 - Studeer

Lees een aanbevolen schaakboek, als je echt snel wilt verbeteren. Chess.com heeft veel middelen om je te helpen met studeren en verbeteren.

#3 - Veel plezier

Raak niet ontmoedigd als je niet al je partijen gelijk wint. Iedereen verliest - zelfs wereldkampioenen. Zolang je het leuk vindt en leert van de partijen die je verliest, is schaken een hobby voor het leven!

Nu online